Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. aangedikt:
  2. aandikken:
  3. Wiktionary:


Niederländisch

Detailübersetzungen für aangedikt (Niederländisch) ins Schwedisch

aangedikt:

aangedikt Adjektiv

  1. aangedikt

Übersetzung Matrix für aangedikt:

ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
tjockt pålagd aangedikt
tjockt pålagt aangedikt

aandikken:

aandikken Verb (dik aan, dikt aan, dikte aan, dikten aan, aangedikt)

  1. aandikken (iets overdreven voorstellen; overdrijven; opkloppen; opblazen)
    överdriva
    • överdriva Verb (överdrivar, överdrivade, överdrivat)
  2. aandikken (overdreven voorstellen; overdrijven; opkloppen; opblazen; opschroeven)
    överdriva; blåsa upp; ta till i överkant
    • överdriva Verb (överdrivar, överdrivade, överdrivat)
    • blåsa upp Verb (blåser upp, blåste upp, blåst upp)
    • ta till i överkant Verb (tar till i överkant, tog till i överkant, tagit till i överkant)

Konjugationen für aandikken:

o.t.t.
  1. dik aan
  2. dikt aan
  3. dikt aan
  4. dikten aan
  5. dikten aan
  6. dikten aan
o.v.t.
  1. dikte aan
  2. dikte aan
  3. dikte aan
  4. dikten aan
  5. dikten aan
  6. dikten aan
v.t.t.
  1. heb aangedikt
  2. hebt aangedikt
  3. heeft aangedikt
  4. hebben aangedikt
  5. hebben aangedikt
  6. hebben aangedikt
v.v.t.
  1. had aangedikt
  2. had aangedikt
  3. had aangedikt
  4. hadden aangedikt
  5. hadden aangedikt
  6. hadden aangedikt
o.t.t.t.
  1. zal aandikken
  2. zult aandikken
  3. zal aandikken
  4. zullen aandikken
  5. zullen aandikken
  6. zullen aandikken
o.v.t.t.
  1. zou aandikken
  2. zou aandikken
  3. zou aandikken
  4. zouden aandikken
  5. zouden aandikken
  6. zouden aandikken
diversen
  1. dik aan!
  2. dikt aan!
  3. aangedikt
  4. aandikkende
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Übersetzung Matrix für aandikken:

VerbVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
blåsa upp aandikken; opblazen; opkloppen; opschroeven; overdreven voorstellen; overdrijven aanblazen; aanstoken; aanwakkeren; bollen; opbollen; openwaaien; oppoken; opstoken; poken; stoken
ta till i överkant aandikken; opblazen; opkloppen; opschroeven; overdreven voorstellen; overdrijven
överdriva aandikken; iets overdreven voorstellen; opblazen; opkloppen; opschroeven; overdreven voorstellen; overdrijven breed uitmeten; grootspreken; opscheppen; opsnijden; snoeven; uitweiden

Wiktionary Übersetzungen für aandikken:


Cross Translation:
FromToVia
aandikken försämra; förvärra aggraverrendre plus grave.