Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. goed afsteken:


Niederländisch

Detailübersetzungen für goed afsteken (Niederländisch) ins Schwedisch

goed afsteken:

goed afsteken Verb (steek goed af, steekt goed af, stak goed af, staken goed af, goed afgestoken)

  1. goed afsteken (gunstig afsteken)
    tåla väl vid en jämförelse

Konjugationen für goed afsteken:

o.t.t.
  1. steek goed af
  2. steekt goed af
  3. steekt goed af
  4. steken goed af
  5. steken goed af
  6. steken goed af
o.v.t.
  1. stak goed af
  2. stak goed af
  3. stak goed af
  4. staken goed af
  5. staken goed af
  6. staken goed af
v.t.t.
  1. heb goed afgestoken
  2. hebt goed afgestoken
  3. heeft goed afgestoken
  4. hebben goed afgestoken
  5. hebben goed afgestoken
  6. hebben goed afgestoken
v.v.t.
  1. had goed afgestoken
  2. had goed afgestoken
  3. had goed afgestoken
  4. hadden goed afgestoken
  5. hadden goed afgestoken
  6. hadden goed afgestoken
o.t.t.t.
  1. zal goed afsteken
  2. zult goed afsteken
  3. zal goed afsteken
  4. zullen goed afsteken
  5. zullen goed afsteken
  6. zullen goed afsteken
o.v.t.t.
  1. zou goed afsteken
  2. zou goed afsteken
  3. zou goed afsteken
  4. zouden goed afsteken
  5. zouden goed afsteken
  6. zouden goed afsteken
diversen
  1. steek goed af!
  2. steekt goed af!
  3. goed afgestoken
  4. goed afstekend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Übersetzung Matrix für goed afsteken:

VerbVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
tåla väl vid en jämförelse goed afsteken; gunstig afsteken

Verwandte Übersetzungen für goed afsteken