Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. kleurigheid:
  2. kleurig:


Niederländisch

Detailübersetzungen für kleurigheid (Niederländisch) ins Schwedisch

kleurigheid:

kleurigheid [de ~ (v)] Nomen

  1. de kleurigheid

Übersetzung Matrix für kleurigheid:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
färgrikhet kleurigheid
färgstarkhet kleurigheid

Verwandte Wörter für "kleurigheid":


kleurig:


Übersetzung Matrix für kleurig:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
munter opgewektheid
ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
färggrann bloeiend; fleurig; kleurig
färgrik gekleurd; kleurig
färgstark bont; bontgekleurd; fleurig; kleurig fleurig; kleurrijk
färgstarkt bont; bontgekleurd; fleurig; kleurig fleurig; kleurrijk
munter blij; blijgeestig; blijmoedig; dartel; fideel; fleurig; geestig; jolig; kleurig; kwiek; levendig; lustig; monter; opgeruimd; opgetogen; opgewekt; uitgelaten; vrolijk; wakker; welgemoed; zonnig bengelachtig; blijmoedig; guitig; kwajongensachtig; ondeugend; opgewekt; schalkachtig; schalks; schelmachtig; schelms; snaaks; spotachtig; vrolijk
muntert blij; blijgeestig; blijmoedig; dartel; fideel; fleurig; geestig; jolig; kleurig; kwiek; levendig; lustig; monter; opgeruimd; opgetogen; opgewekt; uitgelaten; vrolijk; wakker; welgemoed; zonnig bengelachtig; blijmoedig; guitig; kwajongensachtig; ondeugend; opgetogen; opgewekt; schalkachtig; schalks; schelmachtig; schelms; snaaks; spotachtig; vrolijk
rik på färger gekleurd; kleurig

Verwandte Wörter für "kleurig":

  • kleurigheid, kleuriger, kleurigere, kleurigst, kleurigste, kleurige